| Hoefverzorging |
|
De mening van Raymond Spiering
‘Tegenwoordig wordt er te makkelijk een paard gekocht,
‘Door gebrek aan kennis
laten onwetende paardeneigenaren zich van alles wijs maken.
‘Natuurlijk bekappenis een rage die iedere tien à vijftien jaar de kop opsteekt en dan weer overwaait als er te veel problemen komen. Alles dat ecologisch of biologisch klinkt is in. Men beseft niet genoeg dat we paarden allang niet meer op een natuurlijke manier houden. De hele dag in een box of, als ze geluk hebben, in een klein landje is iets anders dan een leven op de steppen. We hebben hier geen vrije natuur meer, dus daar zul je de verzorging op aan moeten passen. Natuurlijk verlies je als smid klanten aan zo’n modeverschijnsel. Maar die komen wel weer terug. Alleen wordt ons werk daar steeds minder leuk door. Je bent steeds ellende die door een ander is veroorzaakt aan het opknappen.”
‘Een goede hoefsmidis er heus niet altijd op uit een paard op ijzers te zetten. Als het zonder kan, zal een smid het alleen bekappen. Mensen denken dat ijzers ouderwets zijn: ‘we kunnen tegenwoordig naar de maan en onze paarden zetten we nog steeds op iets dat de Kelten in de oudheid ooit hebben bedacht’.Maar van die nagels in de hoefwand heeft een paard toevallig helemaal geen last. Je kunt een paard zelfs beter laten bewegen door ijzers. Anders had het hele Olympische dressuurteam toch ook niet op ijzers rondgereden? Hoe vind je een goede hoefsmid? Je diploma’s hebben en lid zijn van een beroepsvereniging zegt nog niet alles. Er zijn ook hoefsmeden die het van vader op zoon hebben geleerd en serieus met het vak bezig zijn. Het moeilijke is dat de overheid hoefsmid tot een vrij beroep heeft verklaard. Iedereen mag zich zo noemen. In Engeland is dat anders, daar ben je al strafbaar als je zonder diploma een paard bekapt. Zoek in de telefoongids maar naar het kopje ‘hoefsmeden’. Bestaat niet meer.”
‘Er zijn beunhazendie paarden helemaal ruïneren door verkeerd beslag. Ik heb ze wel gehad waarbij het linkerijzer rechts zat en omgekeerd. Of één keer zelfs iemand die het nieuwe ijzer op het afgesleten deel van het oude ijzer had vastgelast, dat nog onder de voet zat. Zulke mensen zijn natuurlijk niet verzekerd voor schade aan je paard, dragen vaak geen BTW af en ze racen van de ene klant naar de andere, zonder geduld voor het paard. Daarom zijn ze goedkoper. En dan vindt de klant het allang best. Gevolg is dat de reguliere hoefsmid zijn prijzen niet meer durft aan te passen aan de indexering, uit angst te duur te worden. Terwijl hij wel zijn bijdrage levert aan de economie door keurig belasting te betalen, verzekerd is, werkt met goede materialen en zichzelf regelmatig bijschoolt.”
‘Beunhazen die beslaan werken het zelf bekappen trouwens in de hand.Als zo’n paard van die verkeerde ijzers wordt gehaald en op blote voeten verder mag is dat een opluchting voor het dier en loopt het beter. ‘Zie je wel’ denkt men dan. Een ander probleem is dat er te weinig wordt gecommuniceerd door de deskundigen. Hoefsmeden kraken elkaars werk vaak af en er is ook te weinig overleg met andere specialisten die met het welzijn van het paard te maken hebben. Een goede hoefsmid kan het een paard zo veel makkelijker maken. Zorg eerst maar eens dat zijn voeten in orde zijn, dan kun je van daaruit eventuele andere problemen aanpakken. Goed beslag maakt vaak meer verschil dan een duurder zadel, een andere instructeur of een slofteugel.”
Bit nr 139, december 2006
Commentaar (0)
![]() Schrijf commentaar
|
| < Vorige |
|---|

