|
.
Het rijden met of zonder hoefijzers, door Saskia Klaassen en Brigitte Kilian, foto's Wolff Photograpghy.
Het rijden met of zonder hoefijzers, bitten en zadels met of zonder boom vormt steeds meer een bron van oneindige en felle discussie. Talloze internetfora zijn al aan deze onderwerpen gewijd en voor- en tegenstanders gedragen zich soms als ware sekteleden. Er lijkt soms weinig ruimte voor de voor de hand liggende gulden middenweg, bijvoorbeeld af en toe eens een ijzer. Centrale vraag bij deze discussie is echter: wat is goed voor onze paarden en wat niet. Gedegen onderzoek en objectieve interpretatie van informatie zijn hierbij belangrijke uitgangspunten. Nieuwsgierig als wij zijn, gingen we dus op onderzoek uit.
Historie
Wat betreft het rijden met hoefijzers of juist niet, wist u dat hoefijzers juist ontwikkeld zijn in landen waar de ondergrond vochtig was? Als gevolg hiervan ontwikkelden paarden wat zachtere hoeven en toen de mens dat soort paarden ging berijden ontstonden er problemen.
Ann Hyland, die over het paard in de oudheid speciaal onderzoek heeft gedaan en ook oude tuigage na heeft laten maken om ze op haar eigen paarden uit te proberen, vermeldt voorts dat ze twee paarden van Amerika naar Engeland importeerde, die in hun land van herkomst altijd blootsvoets hadden gelopen over zanderige en relatief droge bodem, maar in Engeland werden hun van oorsprong harde hoeven al snel zachter zodat ze niet zonder beslag konden.
Zij vindt het daarom veelzeggend dat het de Kelten, en niet de Romeinen, zijn geweest die het hoefijzer hebben uitgevonden.
De Romeinen kenden ook al hoefschoenen, en wel in twee vormen, de solea ferrae en de solea spartea. De eerste was gemaakt van ijzer of een combinatie van ijzer en leer (de zool was dan van ijzer), en de tweede soort van een harde gras- of rietsoort. Ze werden met leren banden rond de kogel vastgemaakt. Ze werden gebruikt voor paarden met een hoefzweer of iets dergelijks, of voor muildieren die langzaam zware vrachten moesten trekken. Er zijn opvallend veel van deze ''hipposandalen'' gevonden. Normale hoefijzers werden blijkbaar veel minder gebruikt, en de cavalerie reed niet midden op de beroemde Romeinse heirwegen, die keurig bestraat konden zijn, maar aan de kanten om de hoeven van hun paarden te sparen.
Conclusie: hoefijzers werden vooral in gematigde, vochtige klimaten gebruikt, en waren juist daar onontbeerlijk voor paarden die lange afstanden moesten afleggen.
Wat betreft het zadel: oude vormen van zadels zoals die zijn gevonden in de Pazyryk-grafkamers laten zien dat de Scythen en aanverwante volkeren hun zadels al snel met een boom maakten om te voorkomen dat de opgevulde zadelkussens door het gebruik zouden vervormen. De boom had verder als functie om te voorkomen dat het geheel teveel op de schoft zou drukken en drukplekken zou veroorzaken. De Romeinen hebben ook dit soort zadels gebruikt en er zijn in 1967 in Nederland archeologische vondsten gedaan waar oude Romeinse zadels werden teruggevonden, en wel in Valkenburg en Vechten. Dr. W. Groenman-van Waateringe heeft daarover gepubliceerd en de Engelsman Peter Conolly heeft aan de hand daarvan zo'n soort zadel gereconstrueerd.
Ann Hyland heeft zo'n zadel vervolgens op haar paard uitgeprobeerd en zij ervoer dat het alleen met een heel dik zadeldek gebruikt kon worden en dat de randen van de boom voor de ruiter wel heel duidelijk en oncomfortabel voelbaar waren (wellicht reden de oude Romeinen met een deken op het zadel?) maar dat het geheel wel een heel stabiele zit gaf en het paard geen drukplekken kreeg.
Hier kan de conclusie luiden dat de boom is ontwikkeld om de schoft te ontzien en om de ruiter, die moest vechten vanuit het zadel, stabiliteit te geven.
Tegenwoordig is ons gebruik van het paard wel heel anders, maar als je naar de endurance sport kijkt dan zijn er toch overeenkomsten met het gebruik door een cavalerist in het Romeinse leger. Lange ritten over soms slecht terrein, soms wegen, waarbij het van belang is dat het paard niet kreupel wordt door pijn in de hoeven, en niet wordt geplaagd door drukplekken op de schoft en rug door een verkeerde verdeling van het gewicht. Daarom zijn hoefijzers en conventionele zadels met boom ontwikkeld, en daarom zullen ze nog steeds nodig zijn.
Bron: Ann Hyland, Equus, the Horse in the Roman World, London, 1990.
IJzerloos bij stoeterij Flying Horse
Lotje Moerdijk is een veelzijdige amazone die haar sporen al ruimschoots verdiend heeft in endurance, TREC, cattle penning, dressuur, eventing en de mensport. Elk hulpmiddel is in haar lange carriere inmiddels wel voorbij gekomen.
"Voor alles is een noodzaak of een mogelijkheid, maar als de noodzaak of de mogelijkheid ontbreekt, en er blijft enkel idealisme over, dan kun je er een groot vraagteken bij zetten.
Mijn mening:
Ik ben een enthousiaste voorstander van bitloos, mits de controle over snelheid en ruggebruik hierdoor niet verloren gaat. Als het nodig is, gebruik ik probleemloos een stang, want een kleine dwang met erna veel vrijheid, verkies ik boven een constant geruk in de mond. Jonge paarden rijden we bitloos in en oudere paarden proberen we zoveel mogelijk zo af te richten. Maar niet elk paard is geschikt of reageert goed op de neus. Bij bitloos zoek ik geen toevlucht tot de zogenaamde bitloze optomingen zoals de hackemore, Meroth, cross link of side pull, maar beperk ik me tot het (rij)halster. De teugels maak ik wel aan de onderzijde van de zijring, zodat door aantrekking van de teugel een lichte hefboomwerking ontstaat.
Verder ben ik een voorstander van blote voeten, maar wil je endurance, TREC of in de Ardennen rijden, dan zul je er toch gewoon aan moeten. Mijn voorkeur is om in de winter en buiten het wedstrijdseizoen de ijzers eronderuit te halen, zodat de hoef kan bijkomen van het noodzakelijke kwaad. Hoefschoenen hebben mijn voorkeur niet, omdat ik meer tijd heb doorgebracht met eronder doen en ernaar te zoeken, dan er daadwerkelijk mee te rijden.
Ik ben absoluut geen voorstander van boomloos, omdat de boom juist een ideale drukverdeler is en deze noodzaak door de eeuwen heen wel bewezen is. Ik heb een boomloos zadel, wat ik onder bepaalde omstandigheden gebruik: bijvoorbeeld ritten naar de wei, als ik niet zonder zadel durf en erna terug naar huis moet lopen; in noodgeval in endurance, bijvoorbeeld bij bepaalde zadeldrukking (ligt dus altijd als reserve in de groomwagen); voor de fun. Ik heb zelf twee Italiaanse D.A.G.zadels. Inmiddels dik onder het stof....”
IJzerloos volgens Dutch Joy
Yvonne van der Velde is fervent endurance amazone.
“Als eerste is het altijd een goed streven om zonder beslag te rijden, want beslag is altijd een noodzakelijk kwaad. Echter ijzerloos veel kilometers maken kan alleen op zachte ondergrond zoals in Nederland en de woestijn. In veel andere landen slijten de hoeven te veel door de harde ondergrond. Bij gewone recreatieve tochtjes is het prima om zonder beslag te rijden. Bij endurance is het onmogelijk zonder ijzers te rijden. Dit omdat je bij beslag met plaatjes en zolen kan werken zodat je paard tegen zoolkneuzingen beschermd wordt, een veel voorkomend probleem bij endurance paarden. Veel ruiters hebben geprobeerd hun paard zonder beslag endurance te laten rijden. Rond de 100 km begonnen ze allemaal problemen te krijgen. Helaas ontkomen we als endurance ruiter dus niet aan ijzers.
Recreatiepaarden kunnen wel zonder. Ook kan voor hen gekozen worden voor kunststof beslag en hoefschoenen. Hoefschoenen zijn duur en liggen nooit onbeweeglijk stil daar de hoef continu groeit. De periode waarin de hoefschoen optimaal past, is dus kort.
Kunststof beslag is vaak te stroef waardoor het paard dat veel gereden wordt, uiteindelijk blessures oploopt. Maar misschien wordt er ooit een vorm ontwikkeld die zowel voor recreatie- als sportdoeleinden voldoet.
Boomloos rijden is prima voor lichtere ruiters. Bij zwaardere ruiters is de drukverdeling echt te klein. Er is ook veel verschil in kwaliteit. Je kunt dit uittesten met een zadeldruk pad. Bij langdurig en veelvuldig gebruik schiet een boomloos zadel ook tekort. Te weinig steun om het ruitergewicht te verdelen. Ook dit kun je uittesten met een zadeldruk pad.
Verder kun je tegenwoordig kiezen uit andere prettige alternatieven bijvoorbeeld kussens met luchtvulling, flexibele boom, de grote draagvlakken van panelen.
Al mijn paarden worden standaard bitloos ingereden. Indien iemand met een lang teugeltje rondrijdt, maakt het voor het paard heel weinig uit of er wel of geen bit aan zit. Het lange teugeltje is van groter belang. Kwestie van discipline en vertrouwen. Ik ben een fel tegenstander van de freestyle hoofdstellen, want het spul snijdt, doet pijn en kan zelfs heel gevaarlijk zijn als je (bij calamiteiten) moet ingrijpen. En bij paarden moet je hier altijd rekening mee houden. Het liefste dier kan opeens schrikken”.
We zijn er inmiddels wel uit: ijzerloos rijden kan paardvriendelijk zijn, mits de gulden middenweg met een flinke dosis realiteitszin gevolgd wordt. Boomloos rijden is intussen geliefd bij hele volksstammen van ruiters maar ook hier dient men dit concept met verstand en beleid toe te passen. Niet doen dus in situaties die zich er niet toe lenen (erg lange afstanden en/of veel ruitergewicht).
|
Boomloos rijd ik ook, van barefoot en het bevalt me érg goed. Ik reed altijd met boom, maar met het boomloze zadel kan ik op de lichtste gewichts- en beenhulpen werken, omdat het me dichter op het paard lijkt te zitten. Dit kan natuurlijk voor iedereen anders zijn! Ik rijd ook bitloos, vaak ook lekker met neckrope. Mijn paard vind het heerlijk, hij geniet en kijkt dan lekker om zich heen, maar tegelijk beheerst hij ook nog (met een goede zelfhouding!) de piaffe, die ik dan ook lekker met neckrope train. Prachtig! Als mijn paard beter zou reageren op bit, met boom en met ijzers zou ik dat zeker doen! Kijk gewoon naar waar je paard zich fijn bij voelt, waar jij het beste mee overweg kan en stem het daar op af, niet op wat andere mensen met HUN paard hebben ervaren. We zijn allemaal anders, en de paarden ook! :)